|
Collecties
|
|
|
|
|
|
|
|
Certificaten
|
|
|

Klik voor een uitgebreide uitleg
|
|
|
|
|
Keuringspartners
|
|
|
HaVeP Protective wear is getest en gecertificeerd door erkende keuringsinstituten zoals Centexbel (Belgié) en Hohenstein Insitute (Duitsland).

U kunt er dus zeker van zijn dat uw kleding voldoet aan de geldende eisen. Vraag gerust onze certificaten aan.


|
|
|
EN 471 - Bescherming door hoge zichtbaarheid bij dag, schemer en nacht
|
  |
√ |
EN 471:2003 Hoge zichtbaarheidskleding voor professioneel gebruik – Beproevingsmethoden en vereisten.
|
|
Deze norm legt vereisten vast voor kleding die tot doel heeft de aanwezigheid van de gebruiker visueel te benadrukken om hem meer te laten opvallen in gevaarlijke situaties, zowel bij dag als bij nacht (belichting door koplampen van wagens).
Wat houdt deze norm in? Deze norm heeft als symbool het veiligheidsvestje, met daarnaast boven elkaar twee waarden X en Y. De bovenste waarde (X) geeft aan, aan welke klasse het artikel voldoet. Dit kan klasse 1 tot 3 zijn. Klasse 1 is het minst zichtbaar en klasse 3 het meest. De onderste waarde (Y) geeft de kwaliteit van het reflectieband aan. Dit kan waarde 1 of 2 zijn. Dit geeft aan hoe goed het reflectieband reflecteert. Bij Van Puijenbroek Textiel hebben we alleen reflectieband dat voldoet aan waarde 2 (= de hoogste klasse).
De X waarde en de Y waarde De X waarde wordt bepaald door het aantal vierkante meter fluodoek en het aantal vierkante meter reflectieband dat in een model zit.
|
|
Klasse 1
|
Klasse 2
|
Klasse 3
|
Fluor materiaal
|
0,14 |
0,50 |
0,80 |
| Reflectiemateriaal |
0,10 |
0,13 |
0,20 |
Gecombineerd materiaal
|
0,20 |
|
|
Klasse 1: niet voor werken langs openbare weg Klasse 2: wegwerkzaamheden met maximaal snelheid 50 km/uur Klasse 3: langs wegen met hogere toegelaten snelheden
Het fluodoek moet de torso, mouwen en broekspijpen omcirkelen. Het verschil in oppervlakte tussen voor en achterzijde mag maximaal 40% – 60% zijn. Het reflectieband moet 50mm breed zijn en de ruimte tussen 2 reflectiebanden moet minstens 50mm zijn. Ook moet de afstand van ‘het einde’ van het kledingstuk (dus bijvoorbeeld onderzijde broekspijp) tot de reflectieband minstens 50mm zijn. De reflectie kan op vele verschillende manieren aangebracht worden.
De Y waarde wordt bepaald door de kwaliteit van het reflectieband. Deze kan waarde 1 of 2 hebben. Waarde 2 reflecteert het beste. Binnen Van Puijenbroek Textiel gebruiken we alleen reflectieband dat aan waarde 2 voldoet.
Welke eisen worden er in de norm gesteld?
- Een model moet voldoen aan de voorwaarden gesteld in de norm EN 340
- Het fluodoek moet voldoende zichtbaar zijn (volgens testen). Het doek dat als contrast gebruikt wordt moet ook aan bepaalde eisen voldoen (mag bijvoorbeeld niet afbloeden)
- Het fluodoek moet de torso, mouwen en broekspijpen omcirkelen
- De voor- en achterzijde moeten ongeveer dezelfde oppervlakte aan fluodoek hebben, deze verhouding mag maximaal 40%-60% zijn. Alles wat hierbuiten valt telt niet mee voor de oppervlakte bepaling
- Voor de oppervlaktebepaling moet uitgegaan worden van de kleinste maat, welke klasse bij welke oppervlakte hoort is te zien in de tabel op de vorige pagina
- Striping moet minimaal 50mm breed zijn
- Twee banden striping moeten minimaal 50mm van elkaar verwijderd zijn
- Striping moet minimaal 50mm van het ‘einde’ van het kledingstuk (bijvoorbeeld onderzijde broekspijp) verwijderd zijn
Ondertussen wordt gewerkt aan een opvolger van de EN 471. Dat is de ISO/DIS 20471. De ISO 20471 zal waarschijnlijk de twee normen die er zijn voor zichtbaarheid (EN 471 voor professioneel gebruik en de EN 1150 voor niet-professioneel gebruik) vervangen. Het onderscheid ‘professioneel’ en ‘niet professioneel’ wordt dan waarschijnlijk vervangen door de kans dat een risico zich voordoet. Een definitieve indeling moet nog worden vastgesteld. Pas daarna kunnen de normen worden herzien. Discussiepunten zijn dan o.a. ‘wat wordt verstaan onder dag en nacht risico’ en ‘welke kleding in welke situatie noodzakelijk is’.
|
|
|
|
|
  |
EN 1149 - Bescherming tegen elektrostatische oplading (explosie en brand)
Antistatische kleding voorkomt dat door elektrostatische oplading vonken ontstaan, die brand of explosies kunnen veroorzaken.
|
  |
EN IEC 61482 - Bescherming tegen thermische gevaren van elektrische vlamboog
Beschermende kleding bij het werken onder spanning waarbij blootstelling aan een elektrische vlamboog een risico vormt.
|
|
 
|
EN 11611 - Bescherming bij lassen en verwante werkzaamheden
Veiligheidskleding die beschermt tegen spatten van gesmolten metaal, toevallig vlamcontact en UV-straling in 2 klassen.
|
  |
EN 470-1 - Bescherming bij lassen en verwante werkzaamheden
Vanaf oktober 2007 is de norm EN 470-1 vervangen door de nieuwe, uitgebreidere norm ISO 11611.
|
  |
EN 11612 - Bescherming tegen hitte en vlammen
Beschermkleding tegen vlamcontact, convectie warmte (geleiding), stralingshitte, gesmolten metaalspatten, contacthitte en water.
|
  |
EN 531 - Bescherming tegen hitte en vlammen
Beschermende kleding tegen contact met vlammen, convectiewarmte (geleiding), stralingshitte en spatten van gesmolten metaal.
|
  |
EN 13034-6 - Bescherming tegen vloeibare chemicaliën
Vloeistofafstotende kleding die beschermt tegen kleine spatten en een lichte nevel van chemische vloeistoffen.
|
  |
EN 471 - Bescherming door hoge zichtbaarheid bij dag, schemer en nacht
Hoge zichtbaarheidskleding die visueel opvalt bij gevaarljke situaties in lichte en donkere werkomstandigheden.
|
|
ISO 20471 - Bescherming door hoge zichtbaarheid bij dag, schemer en nacht
Nieuwe norm voor hoge zichtbaarheidskleding die momenteel in voorbereiding is als opvolger voor de nu nog geldende norm EN 471.
|
  |
EN 342 - Bescherming tegen koude en lage temperaturen
Ademende werkkleding tegen een koude omgeving met vocht, nattigheid, wind en/of een luchttemperatuur lager dan -5° Celsius.
|
  |
EN 343 - Bescherming tegen regen en slecht weer
Ademende beschermkleding tegen neerslag (regen, sneeuw), mist, vochtigheid, wind en andere gure (weers)omstandigheden.
|
|